In de wolken

'Hoe zou ik kunnen vluchten voor uw Geest?

Waar zou ik me voor U kunnen verbergen?

Als ik naar de hemel zou gaan – U bent daar.

Als ik naar het dodenrijk zou afdalen – U bent daar óók.

Als ik zou meevliegen met de opkomende zon,

of zou gaan wonen aan de andere kant van de oceaan

– ook daar zou U mij leiden.

Ook daar zou uw hand mij vasthouden.

Als ik me in het donker zou willen verbergen,

dan ziet U mij nog, als op klaarlichte dag.

Het donker kan mij niet voor U verbergen.

Voor U is de nacht zo licht als de dag.'

(Psalm 139: 7-12)

In de wolken

'Hoe zou ik kunnen vluchten voor uw Geest?

Waar zou ik me voor U kunnen verbergen?

Als ik naar de hemel zou gaan – U bent daar.

Als ik naar het dodenrijk zou afdalen – U bent daar óók.

Als ik zou meevliegen met de opkomende zon,

of zou gaan wonen aan de andere kant van de oceaan

– ook daar zou U mij leiden.

Ook daar zou uw hand mij vasthouden.

Als ik me in het donker zou willen verbergen,

dan ziet U mij nog, als op klaarlichte dag.

Het donker kan mij niet voor U verbergen.

Voor U is de nacht zo licht als de dag.'

(Psalm 139: 7-12)